START WELKOM INHOUD NIEUWS WEBSITES CONTACT DONEREN

TEKSTEN:
ARCHIEF INDEX

BLOGS:
SNIPS' AUTOLYSE
IN DE ZANDBAK
FRITS SNIPS

CURSUS:
AUTOLYSE
MEDIA: STREETLIFE PICS
STREETLIFE VIDS
E-BOEKEN
AUTOLYSE VIDS
MUZIEK

NIEUWS ARCHIEF
FACEBOOK

VERVERSEN
 IN DE ZANDBAK
En Toen? — (270718)

Wat ik nog steeds erg lastig vind is uitleggen hoe het mogelijk is dat ik, als dit ‘Frits-lichaam’, niet werkelijk besta — met andere woorden, dat ik niet niet dit lichaam ben — terwijl ik in de ogen van andere mensen dit overduidelijk aan het schrijven ben of wanneer ik aan het praten ben, dat overduidelijk aan het zeggen ben.
“Hoe,” zo vragen ze zich terecht af, “is het mogelijk dat je beweert dat je niet bestaat terwijl je hier tegenover me staat en ik met jou aan het praten ben?”
Ja, leg dat dan maar eens uit… en dat ga ik dus ook niet doen.

Op zich is het feit dat het niet begrepen wordt, of dat ik voor gek of vreemd word verklaard, niet een probleem voor mij. Het interesseert me al een flinke tijd niet wat andere mensen van me vinden en bovendien is het niet iets dat ik te pas en te onpas in een groep gooi. Tot nu toe functioneerde ik in de droomstaat door te accepteren dat andere mensen geloven dat het allemaal echt waar is en daar in mee te gaan.

Na mijn laatste avontuur in de Zandbak, het vinden van een baan, is dat veranderd en is het niet meer zo vanzelfsprekend. Een baan die ik overigens na twee dagen alweer achter me heb gelaten omdat ik niet kon functioneren in de situatie zoals die daar bestond. Ik kon niet meegaan in ‘het verhaal’ en niet in de manier waarop de mensen daar met elkaar omgingen, terwijl de mensen die er werkten het schijnbaar heel erg normaal vonden.

Ik zal verder niet in details treden, dat is voor dit verhaal niet noodzakelijk, maar dit avontuur heeft me wel aangetoond dat ik niet meer kan functioneren binnen dat soort samenlevingen. De vraag is vervolgens: waar kan ik dan wel functioneren en hoe is dat haalbaal binnen de gegeven parameters van het deel van de Zandbak waarin ik schijnbaar besta? Hier heb ik geen antwoord op… nog niet, tenminste.

Wat ik veelal om me heen zie is heel veel mensen die voornamelijk werken om geld te verdienen. Niet per se om rijk te worden, niet vanuit hebzucht, maar puur en alleen om te kunnen overleven in de maatschappij. Ze doen het werk niet omdat ze dat willen, niet omdat ze het leuk vinden, niet omdat het werk dat ze verzetten de samenleving verbetert of  leuker maakt, maar puur en alleen om zelf te kunnen overleven.

Ik begrijp dat  heel goed. Niet alleen gezien vanuit hun persoonlijke situatie, maar ook vanuit de droomstaat-paradigma. De droomstaat bestaat bij de gratie van het geloof in het ego en de ‘ik’ die zich in het lichaam bevinden, of zelfs, het geloof dat het lichaam dit ego en die ‘ik’ is. Dat werkt het beste als iedereen hier gelooft dat hij losstaat van het geheel, zich moet verdedigen tegen de buitenwereld en vooral bang is dit niet te overleven. Angst is wat er voor zorgt dat ze werk doen wat ze niet per se leuk vinden en wat niet per se goed is voor de samenleving en de maatschappij, omdat er geen zekerheid is dat ze zouden kunnen overleven als ze daadwerkelijk hun ‘hart’ zouden volgen.

Ik zag dit heel duidelijk in het restaurant waar ik twee dagen heb gewerkt. De medewerkers werkten alleen samen op de noodzakelijke punten om het restaurant draaiende te houden, maar alleen omdat ze anders geen werk zouden hebben. Zodra het ging over zaken die niet direct invloed hadden op het succes van het restaurant — met andere woorden, het houden van hun baan — was het ieder voor zich en collegialiteit was eigenlijk nergens te vinden.

Dit is natuurlijk een microversie van de wereldgemeenschap en alle maatschappijen in het geheel. Het is voornamelijk ieder voor zich in een gevecht om te overleven. Hierdoor ontstaat mijn ‘netelige positie’, aangezien ik niet kan werken voor mijzelf (voornamelijk omdat ik niet geloof dat ik dit ben). Ik ben alleen in staat om werk te verrichten dat — hoe klein dan ook — iets toevoegt aan de omgeving. Ik kan niet werken alleen voor mijn overleven, omdat ik niet dit lichaam ben en het me letterlijk niets kan schelen of dit lichaam wel of niet overleeft.
“Ja maar, je eet en drinkt toch om het lichaam gezond te houden?”
Nee, het lichaam eet en drinkt en houdt zichzelf gezond, dat is niet wat ‘ik’ doe — noch is het wat jij doet. Ik zorg er niet voor dat het hart blijft kloppen, ik zorg er niet voor dat het bloed rondgepompt wordt; dat doet het lichaam allemaal zelf, daar is iedereen het over eens. Maar zodra het over iets anders gaat, claimen vrijwel alle mensen de actie. Ik kijk, ik hoor, ik voel, ik denk, ik eet, ik drink, ik loop, ik werk, ik ben geboren en ik ga dood, en dat is dus allemaal onzin! Wij — als dat wat we werkelijk zijn — hebben letterlijk geen fuck te maken met wat ‘ons’ lichaam doet of wil of nodig heeft; dat doet en regelt het allemaal zelf.

Mijn dilemma is nu dat de droomstaat/maatschappij/samenleving het liefst wil dat ik dit Frits-lichaam dwing om dingen te doen die het Frits-lichaam niet natuurlijk afgaan en ik — als dat wat ik ben — daar blijkbaar geen zin in heb. Ik weet heel duidelijk wat ik niet wil, waaruit voortkomt dat ik weet dat ik het liefst iets wil doen dat enigszins heilzaam is voor het deel van het geheel waarin ik me schijnbaar bevindt. Ik wil graag werk doen dat nuttig is voor de omgeving, niet omdat ik geloof dat dit belangrijk is (want dat is het niet) maar omdat ik merk dat het Frits-lichaam zich daar lekkerder en blijer bij voelt.

Ik geloof ook werkelijk dat de droom leuker zal worden als zoveel mogelijk mensen zouden doen wat hun ‘hart’ hen ingeeft en op zijn minst niet dingen doet die zij niet willen doen — en dat hoeft niet ingewikkeld te zijn, aangezien het de natuurlijke stroom is. Ik geloof werkelijk dat iedereen zijn of haar passie zou moeten uitvoeren. Maya/Ego/droomstaat-mind/de matrix/angst wil dat niet, dat snap ik, en zal een poging wagen om mij te conformeren zoals het iedereen conformeert door hen te doen geloven dat het niet mogelijk is om alleen maar je passie en je ‘hart’ te volgen.
“Je moet werken om te overleven en je passie voer je maar uit in je vrije tijd, voor zover je die hebt… en nou niet zeuren, aan de slag! Werk! Werk! Werk! Werken!”
Maar, als ik zie hoe dit in elkaar steekt, hoe kan ik er dan aan meedoen? Moet ik niet gewoon hoe dan ook, met alle gevolgen van dien, doen wat het Frits-lichaam aangeeft en zijn droomstaat-patronen volgen? Ook daar heb ik geen antwoord op… tenminste, nog niet.

Ik kan niet langer bullshit uitvoeren om bullshit in stand te houden en dat houdt in dat ik nu niet weet wat ik wel of niet moet doen. In zo’n situatie is het ’t beste om even niets te doen. Op de plaats – rust, en de tijd nemen om aan te voelen waar de stroom — de droomstaat-patronen — mij vriendelijk naartoe leidt. De laatste keer was naar dat vreselijke restaurantgebeuren en je zou dan denken dat dit heel erg negatief en fout is geweest, maar nee, het heeft me heel duidelijk laten zien — in my fucking face! als het ware — wat dit Frits-lichaam niet wil. Dat moet ik, als dat wat ik ben, respecteren en dat kan alleen door het Frits-lichaam zijn gang te laten gaan zonder het te willen sturen. Zodra de richting van de stroom duidelijk is, kan ik gaan mee zwemmen.